Freelance fotografen zien al jaren de tarieven dalen. Hierover praten was lang taboe. Eind vorig jaar startte de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) een bewustmakingsoffensief in de vorm van een campagne: ‘Fotojournalistiek heeft een prijs’. Dit leidde naar een eendagsstaking op vrijdag 25 januari. Deze dag hebben ruim 400 fotografen geen beeld geleverd.

Een van de doelen van de staking was om de bewustwording te vergroten dat fotojournalistiek een vak is. Daarnaast eist de NVF een tariefverhoging van 14%, dit is naar aanleiding van de Monitor Freelancers en Media. Hieruit blijkt namelijk dat het tarief van bijna 80 euro per foto in 2014, is gezakt naar ongeveer 50 euro in 2017. Ook blijkt uit de monitor dat mediafreelancers, ongeveer 22 uur per week uitbetaald krijgen, terwijl ze wel bijna een voltijdse werkweek hebben.

Tijdens de staking leverden de fotojournalisten geen werk. Dit uitten ze op sociale media met #fotojournalistiekheefteenprijs. Zo schreef William Rutten, fotograaf van beroemdheden, op 25 januari op zijn Instagram: “Uit solidariteit met meer dan 450 hardwerkende freelance fotografen zal ik vandaag niet werken of foto’s leveren om aandacht te vragen voor de bijna onwerkbare situatie voor deze groep. (…) Het is tijd om op te staan tegen deze beeldrovers.” Deze solidariteit werd gedeeld door andere fotografen als Bram Janssen van the Associated Press. Hij publiceerde een zwarte foto met het bijschrift: “Zo zal een foto in de krant of online eruit zien wanneer fotojournalisten niet meer worden betaald”.

De staking heeft ertoe geleid dat de Europese Federatie van Journalisten (EFJ), het op de agenda hebben gezet van het freelance-overleg op 26 januari.