Tegenwoordig letten we allemaal op wat we eten. Niet te veel vetten en suikers, genoeg eiwitten en biologisch vlees. Toch krijgen we vaak nog stoffen binnen waar we geen idee van hebben. Bestrijdingsmiddelen. Deze chemische middelen worden op al ons groente en fruit die we in de supermarkt kunnen kopen gespoten. Maar ondanks dat je gezonde stukje fruit toch niet zo natuurlijk is als veel mensen denken, eten we het toch.

Om bij het begin te beginnen, waarom worden er chemische stoffen op ons groente en fruit gespoten? Het moet ervoor zorgen dat ziekten, onkruid en plagen worden tegengegaan en het zorgt er voor dat organismen van de producten wegblijven.

Deze bestrijdingsmiddelen kunnen schadelijke stoffen voor mens en natuur bevatten. Om tegen te gaan dat wij die gevaarlijke stoffen binnenkrijgen staan er strenge regels op het gebruik hiervan. Het College voor de Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (CTGB) beoordeelt welke bestrijdingsmiddelen worden toegelaten tot de Nederlandse markt, dat zijn er op dit moment ruim negenhonderd. Daarnaast adviseert het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) de nationale overheid over mogelijke risico’s als het gaat om bestrijdingsmiddelen.

Het controleren of deze regels vervolgens worden nageleefd doet de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), “Dit doen we door ongeveer 4000 monsters te nemen vanuit de Nederlandse markt, de supermarkten en van importproducten en deze te analyseren” zegt de persvoorlichter van de NVWA. Deze controles worden echter alleen gedaan wanneer er sprake is van een risico, het instituut gaat niet elk bedrijf af. Als er dan een overtreding van de regels wordt begaan, wordt dit merendeels van de gevallen afgedaan met een boete. Als de overschrijding daadwerkelijk gezondheidsrisico’s met zich mee brengt, wordt het bedrijf van de markt gehaald. Het bedrijfsleven controleert dit ook zelf. Zo gaat de Lidl zelf bij de boeren langs om de kwaliteit van de producten te inspecteren.

Een van de redenen om toch met deze regels te breken zijn de productiekosten, vertelt ook Prof. dr. Martin van den Berg, hoogleraar toxicologie aan de Universiteit in Utrecht: “Deze middelen waren vroeger wel toegestaan, maar door nieuwe ontdekkingen en innovaties zijn die al weer verouderd. Vaak waren die middelen wel goedkoper en maakt de boer het laatste vat nog even op.”

Deze regels gaan nu vooral nog over welke bestrijdingsmiddelen je niet mag gebruiken, er wordt nog niet gekeken naar wat voor effect meerdere middelen met elkaar samen hebben. Dit noem je cumulatieve effecten, de Europese voedselveiligheidsautoriteit (EFSA) kijkt op dit moment naar die effecten. Dit kan komen door de boer die dezelfde soort bestrijdingsmiddelen bij elkaar gooit, maar het kan ook komen door verschillende soorten groente of fruit die met hetzelfde middel zijn bespoten, die je dan op één dag eet. Van den Berg: “Als je meerdere stoffen die dezelfde werking hebben bij elkaar gooit kan dit voor klachten zorgen. Hierbij gaat het wel om hoeveelheden die het verschil maken, als je twee kleine hoeveelheden bij elkaar gooit, maakt dit niks uit.” Het EFSA is nu onderzoek aan het doen naar wat voor gezondheidsproblemen deze cumulatieve effecten kunnen teweegbrengen.

Deze bestrijdingsmiddelen kunnen dus voor gezondheidsproblemen zorgen. Om te voorkomen dat we deze stoffen binnenkrijgen, denken veel mensen dat wassen of wrijven wel goed genoeg is.

Onze verslaggever Eva Breda sprak met Dr. Hans Mol, expert als het om natuurlijke toxinen en pesticiden gaat. Ook sprak ze mensen op straat om hun meningen over bestrijdingsmiddelen te peilen.

De bestrijdingsmiddelen worden door de boeren zelf bij hun gewassen toegevoegd. Vaak zijn dit  chemische middelen die in de fabriek geproduceerd worden om het juiste effect te creëren. Deze worden in de gewassen gespoten en over het gehele veld gespoten. Dit tweede brengt risico’s met zich mee, voor bijvoorbeeld het omliggende waterleven.

Siem van Merwijk sprak met Wilbert Willems, hij levert chemische beschermingsmiddelen aan boeren en met Harm Jonkergouw, van tuinbouwbedrijf Jonkergouw. Zij leveren grote hoeveelheden wortels en preien aan onder andere de Albert Heijn en bespuiten hun gewassen met chemische beschermingsmiddelen.

Bij biologisch groente en fruit worden er geen chemische middelen opgespoten, maar komen deze uit de natuur zelf, dit zijn dan natuurlijke vijanden. Denk hier bijvoorbeeld aan: insecten, schimmels, bacteriën maar ook koper. Vaak zijn biologische middelen op zichzelf niet goed genoeg, je zult dan plagen of ziekten overhouden.

Vaak bevat dit biologische groente en fruit toch nog sporen van chemische bestrijdingsmiddelen. “Als jouw buurman zijn gewassen bespuit met chemische middelen en de wind staat bijvoorbeeld ongunstig. Dan kan het zijn dat dit op jouw gewassen komt en sporen hiervan bevat. Dus nee, ook bij biologische groente en fruit kan je nooit 100% zeker zeggen dat het geen chemische middelen bevat.” zegt ook Van den Berg.