3.600 kinderen volgen momenteel een professionele voetbalopleiding, ieder jaar stoppen 600 van die kinderen en komen er evenveel bij. Slechts twee procent van deze 3.600 kinderen behaalt daadwerkelijk een carrière als profvoetballer. De teleurstelling, van het niet behalen van hun dromen en ambities, heeft een negatieve impact op het leven van de kinderen. Stress, burn-outklachten en een gevoel dat je niet goed genoeg bent. Vreemde gevoelens voor een kind van negen jaar oud.

Niet alleen in de voetbalwereld worden kinderen consistent teleurgesteld. Het is een fenomeen wat vooral terugkomt bij teamsporten. Denk naast voetbal aan bijvoorbeeld hockey of volleybal. Dit heeft te maken met een zogeheten selectiecultuur. De meeste teamsporten hanteren een selectie, dit is een team wat binnen een bepaalde leeftijdscategorie het beste is. De selectie is vaak het hoogst presterende team bij een sportclub en heeft daardoor recht op de beste trainers en de meeste trainingen. Spelers die niet in de selectie spelen worden dus niet gelijkwaardig behandeld en krijgen niet dezelfde kans om zichzelf te ontwikkelen zoals selectiespelers.

Gelijke kansen
Om in de selectie te blijven moet je presteren. Als de trainers je niet goed genoeg vinden wordt je zonder pardon een team terug gezet en ineens speel je een niveau lager. Voor kinderen onder de twaalf jaar oud blijkt dit een ongelooflijke mentale dreun. Daarom zijn verschillende sportbonden nu bezig met het ontwikkelen van programma’s waarin kinderen tot hun twaalfde niet hoeven na te denken over het spelen in de selectie. De KNVB is het project ‘gelijke kansen jeugdvoetbal’ dit seizoen gestart. Onder het motto van gelijkwaardigheid moeten de kinderen in gemengde teams samen spelen en trainen. Nog maar vier amateurteams in het land werken volgens het nieuwe project. “Aan het einde van het seizoen zullen de eerste resultaten zichtbaar zijn,” vertelt Daan Schippers, persvoorlichter bij de KNVB, “op basis van die resultaten kunnen we dan weer een vervolgonderzoek instellen.”

De KNHB doet het zonder projectnaam en heeft afgelopen zomer opgeroepen om selectietrainingen in de jeugd af te schaffen. “Trainingssessies zijn eigenlijk gewoon momentopnames, als je selectiestatus afhangt van een goede of slechte dag kan je slechte dag zomaar slechter worden,” meldt een woordvoerder van de hockeybond. “Als je jong bent hoor je nog te genieten van het spel, ongeacht welk niveau, presteren kan in je tienerjaren wel.” De KNHB hoopt dat kinderen op deze manier ook langer plezier blijven beleven bij het spel en dus niet een eeuwige afkeer krijgen door middel van slechte associaties.

Bij beide bonden zijn de oplossingen echter vooral gericht op de amateurtak van de betreffende sporten. Een amateurvoetbalclub of een amateurhockeyclub zal zich ook eerder kunnen aanpassen aan een nieuwe jeugdstructuur, maar de zwaarste knelpunten liggen bij de professionele clubs. Kinderen krijgen daar te maken met nog strengere selecties en veel hogere prestatie-eisen dan bij de gemiddelde amateurclub. Zowel de KNVB als de KNHB had geen reactie op de vraag of hun huidige plannen doorgevoerd konden worden in het huidige professionele opleidingssysteem.

Psychologisch aspect
Daniëlle van der Klein is sportpsycholoog en werkt niet alleen met volwassenen, maar ook met kinderen. In haar praktijk komen topsporters, van talent tot olympisch niveau, voor mentale training. Ze begeleid de sporters onder andere in het presteren onder druk. Ze maakt de prestatiedruk van dichtbij mee als ze langs de lijn staat bij Excelsior Rotterdam en bij verschillende tennisverenigingen.

Zoals Daniëlle van der Klein aangeeft ligt er ook zeker een verantwoordelijkheidsrol bij de ouders. Frank Abbenhuis is een vader die er bewust voor gekozen heeft om zijn zoon pas op latere leeftijd naar een professionele jeugdopleiding te laten gaan, omdat zijn zoon er toen wel klaar voor was en er zelf ook achter stond. Frank is zelf regioscout bij voetbalclub De Graafschap, hiernaast is hij ook bezig met mentoring en coaching van jonge voetbaltalenten.

Zoals Fleur van Wijk en Frank Abbenhuis aangeven is het ook een kwestie van eigen willen en kunnen. Een combinatie tussen selectie en een losse structuur lijkt een goede oplossing. Het is afwachten of de plannen van de KNVB en de KNHB daadwerkelijk een cultuurverschuiving in de topsport teweeg zullen brengen. Vooralsnog lijkt het erop dat er maar weinig gaat veranderen.