Groenten, brood en te veel aardappelen of pasta: in Nederland gooien we erg veel weg. Te veel volgens de partijen die deze week zijn begonnen met een nieuwe campagne tegen voedselverspilling. 

Het doel van de nieuwe campagne is dan ook om juist de consumenten duidelijk te maken wat je allemaal kan doen in het huishouden. Het initiatief van de stichting ‘Samen Tegen Voedsel’ roept mensen in actie te komen door middel van het delen op sociale media van de zin ‘Hoe #verspillingsvrij ben jij?’ Partijen die zich aansluiten bij de campagne zijn bijvoorbeeld het Voedingscentrum, de Universiteit Wageningen en bedrijven als Albert Heijn, Jumbo, McDonald’s en de Rabobank.

Toch betekent dit niet dat Nederlandse consumenten voedselverspilling niet willen verminderen, driekwart van de Nederlandse gezinnen wil in actie komen tegen voedselverspilling blijkt uit onderzoek van het Voedingscentrum. Het laatst bekende cijfer van voedselverspilling door de Nederlandse consument is uit 2016 en is 41 kilo per persoon per jaar.

“De voedselverspilling heeft grote effecten voor het milieu”, vertelt Jan Vugts, deskundige op het gebied van duurzaam voedsel. “Ten eerste moet je denken aan je eigen portemonnee, want je betaalt nu eenmaal voor wat je weggooit”, zegt Jan. Jan legt uit dat het eten in Nederland goedkoop is, waardoor mensen denken dat ze voor ‘weinig geld’ weggooien. “Maar als je het gaat uitrekenen gooi je al snel voor honderden euro’s per jaar weg”.

En wanneer het voedsel eenmaal ‘rijp’ bij de consument aankomt heeft het voedsel al een erg lange weg afgelegd, wat de consument volgens Jan vaak vergeet. “Denk eens aan het water en energie dat het kost om zo’n product te maken en naar de consument toe te brengen”, zegt Jan Vugts.

Slow Food Youth Network (SFYN) is een van de partijen die de campagne ondersteunt, “de consument moet nog steeds veel bewuster worden”, aldus Saskia Littooij, hoofd van de communicatie van deze jongerenbeweging die zich in zet voor een ‘good, clean en fair’ voedselsysteem. “Het is belangrijk om met veel organisaties veel verschillende doelgroepen te bereiken”, aldus Saskia. Daarnaast vindt Saskia dat het ook belangrijk is om met veel partijen te werken door het grotere bereik wat je dan hebt. “Er zijn veel grote bedrijven bij deze campagne aangesloten die individueel juist erg veel mensen kunnen bereiken”. SFYN is een jongerenorganisatie, terwijl andere organisaties zich in zetten voor andere doelgroepen.

Een belangrijke doelgroep volgens de campagne zijn: gezinnen met jonge kinderen. Uit onderzoek van het Voedingscentrum bleek dat voedselverspilling het meest voorkomt bij deze Nederlanders. Verslaggever Lisa Kroesen gaat in gesprek met Nathalie Witjes-Peters, een moeder van een gezin met jonge kinderen. Nathalie vertelt wat zij doet in het huis doet om voedselverspilling tegen te gaan en welke tips zij heeft voor andere jonge gezinnen.

Niet alleen bij jonge gezinnen kan er nog veel verbeterd worden volgens Saskia, maar ook in het bedrijfsleven, de catering en de horeca kunnen we veel veranderen. “We moeten ons gewoon met zijn allen inzetten, want iedereen moet mee in een transitie naar minder verspilling”, aldus Saskia. Saskia vertelt dat in restaurants en andere bedrijven vaak ‘kromme groenten’ worden weggegooid. “Het is belangrijk om daar mee in actie te gaan, want die groenten kunnen nog vaak gewoon worden gebruikt en smaken echt niet anders”. Maar er zijn ook veel andere opties voor restaurants om zich in te zetten tegen voedselverspilling.

Verslaggever Eva Breda gaat langs bij Aloha Rotterdam en gaat in gesprek met Ivana Pilipovic over hoe zij compost maken van etensresten, terwijl lunchroom De Keuken van Thijs zero-waste recepten heeft om ervoor te zorgen dat ieder deel van het ingrediënt wordt gebruikt. Ze gaat langs bij De Keuken van Thijs en spreekt daar met Thijs Rullens.

De gehele voedselverspilling heeft ook te maken met politieke problemen. Saskia legt uit dat er nog veel misverstanden zijn betreft het voedsel en dat die misverstanden niet door de consument komen. Zo staat er op elke verpakking een ‘tenminste houdbaar tot’ datum. “Dit heeft alleen maar te maken met de veiligheid”, aldus Saskia. “Deze datum is strikt, misschien te strikt. Er kan kritischer naar gekeken worden of er bijvoorbeeld überhaupt wel zo’n datum op bepaalde producten moet staan”. Een probleem dat volgens Saskia bij de overheid ligt.

“We zijn al steeds beter op weg tegen voedselverspilling”, aldus Jan. “Er zijn verschillende partijen die zich inzetten en uiteindelijk hopen we er op deze manier te komen”. Initiatieven waar Jan het over heeft zijn ideeën zoals de ‘Too good to go’ app, waarmee bijvoorbeeld supermarkten, bakkers en hotels op de app aan kunnen geven wat ze overhouden. Consumenten kunnen vervolgens tegen een vergoeding een pakketje met voedsel komen ophalen.