Uit cijfers van Stichting Noordzee blijkt dat steeds meer gemeenten een verbod hebben op het oplaten van ballonnen. In 2018 hadden 18 gemeenten zo’n verbod, in 2019 zijn dit er nu 59. In het artikel van RTL Nieuws wordt gezegd: ‘Opgelaten ballonnen – waaronder de biologisch afbreekbare exemplaren – die in de natuur terechtkomen brengen volgens critici ernstige schade toe aan natuur en milieu.’. Tussen neus en lippen door, wordt hier gezegd dat ook biologisch afbreekbare ballonnen schadelijk zouden zijn voor het milieu. Het schijnt dus dat ook biologisch afbreekbare ballonen schadelijk zijn, hoe zit dat?

Hoe lang het duurt voordat een biologisch afbreekbare ballon erover doet om afgebroken te worden hangt volgens zeebioloog Jan Andries van Franeker en ballongroothandel eigenaar Pim Santhuizen van verschillende factoren af. De plaats waar de ballon terecht komt is een van deze factoren. “Als een ballon in het water terecht komt kan het wel erg lang duren voordat een biologisch afbreekbare ballon is afgebroken” Zegt Santhuizen. “In het water zit natuurlijk minder zuurstof, komt minder UV licht en zijn er minder micro organismen die de ballon op kunnen ruimen.”

In de tussentijd dat een biologisch afbreekbare ballon erover doet om af te breken, kunnen dieren de ballon wel al op eten. “Ik zeg niet dat we altijd zeker weten dat ballonnen de doodsoorzaak zijn. Het gebeurd wel dat er deeltjes latex in het darmkanaal van een dier achterblijven. Dat kan dan natuurlijk gaan verstoppen.” Zegt van Franeker. “Ook kunnen dieren verstrikt raken in de linten en ballonnen zelf, wat er soms voor zorgt dat ze niet fatsoenlijk kunnen eten. Dat kan er uiteindelijk ook voor zorgen dat een dier sterft. Dan is het dier niet gestorven door een ballon, maar door uithongering dóór een ballon.”

Santhuizen zegt dat ballon groothandels die zijn aangesloten bij De Groene Ballon, waar hij directeur van is, allemaal al een tijdje gebruik maken van in water oplosbare ballon lintjes aan de ballonnen. “Deze oplosbare lintjes lossen op in water, wanneer het ermee in aanraking komt. Hierdoor kunnen dieren er niet meer in verstrikt raken, omdat ze oplossen. Ook als dieren ze gaan eten, lossen ze op in de bek van het dier, omdat het dan in aanraking komt met lichaamssappen. En als het lintje niet in het water terecht komt, lost het ook op door de dauw.”

Van Franeker gelooft niet in de oplosbare ballon lintjes. “De stoffen waarvan zo’n lintje gemaakt is komen, ondanks dat het lintje oplost, toch in het dier terecht. Ik heb mijzelf nog niet verdiept in deze stoffen, maar het kan nooit goed zijn voor zo’n dier. Ballonnen zijn leuk, binnen op feestjes, maar zodra ze in de natuur belanden vind ik het een heel ander verhaal. Als we er met zijn allen voor kunnen zorgen dat ballonnen niet meer in de natuur komen is het probleem al voor een groot deel opgelost.”