Niet alleen wereldwijd verdwijnen er dieren uit de natuur door het krimpen van de biodiversiteit. Maar ook bij jou in de tuin. De zingende vogeltjes in je tuin zijn de laatste jaren steeds meer weg gegaan. Het CBS heeft onderzocht dat 13 van de 20 stadsvogels minder in jou tuin voorkomen sinds 1977. Meer dan de helft zelfs.

Dit komt doordat de urbane omgeving steeds meer bestaan uit beton en tegels. De Vogelbescherming geeft aan dat vogels op zoek zijn naar beschutting. Maar dat is niet het enige probleem, doordat er te weinig inheemse planten zijn, zijn er te weinig insecten. Inheemse planten zijn planten die ook horen in Nederland, waar veel insecten op af komen. Die hebben de vogels nodig. Er staan steeds meer exoten in de tuin, planten die eigenlijk niet in Nederland horen. Hier komen dan ook geen insecten op af.

Het beton ligt alleen niet in de tuin maar ook op de muren. Doordat huizen steeds beter geïsoleerd zijn, zijn er steeds minder nestelgelenheden voor de vogeltjes. Kleine gootjes en hoekjes waar veel vogels van gebruik maken om hun nestje te maken zijn uit de stad verdwenen. Blijkt uit onderzoek van de Rijksoverheid.

Maar wat kunnen wij hier dan aan doen? Veel inheemse planten plaatsen zegt de Vogelbescherming. Waarbij nagedacht wordt over hoogtes, niet alleen hoge bomen, maar ook struiken en beplanting laag bij de grond. Bessen en zaden planten zijn ook een belangrijk, dit is voedsel voor de vogels en trekken daarmee meer vogels naar de stad.

Nestkastjes ophangen kan nooit geen kwaad. Wanneer vogeltjes niet meer kunnen nestelen in de dakgoot kunnen zij dat dat wel in een kastje doen. Denk hierbij dat je de kastjes zo hangt dat vogels goed uitzicht hebben op de tuin en hang ze niet in de volle zon. Goede aanvliegroute hebben en de katten er niet bij kunnen.