Koepelorganisatie voor middelbare scholen de VO-raad slaat alarm over de vele middelbare scholen in krimpregio’s die dreigen te verdwijnen. Op zeker tien plekken buiten de randstad, onder meer in het noorden, oosten, Limburg en Zeeland, dreigen de laatste middelbare scholen in een regio te verdwijnen. Oorzaak is het krimpend aantal leerlingen. ,,Er gebeurt nog te weinig om een antwoord te geven op de krimp van het aantal leerlingen’’, stelt voorzitter Paul Rosenmöller maandag in het AD.

Doordat leerlingen vaker naar grote steden naar school moeten, moeten sommige leerlingen straks meer dan twintig kilometer reizen. Omdat er in plattelandsregio’s al weinig keuze in scholen is, proberen de scholen die er zijn een breed opleidingsaanbod – van praktijkonderwijs tot en met vwo – aan te bieden. Maar als er minder leerlingen per klas zitten, is het lastiger al die varianten, inclusief bijbehorende profielen, te behouden omdat het te duur wordt.

Krimp

Overal in Nederland is het aantal kinderen dat geboren wordt lager dan het aantal van de generatie er voor. Het gemiddelde aantal kinderen per vrouw ligt al zo’n 45 jaar rond de 1,7, dit is niet genoeg om vader en moeder te vervangen. Dit betekent dat elke generatie rond  gaat minderen, als er geen migratie zou zijn. Dit wordt gecompenseerd door migratie. Als men kijkt naar landelijke migratie verliest het platteland; er trekken meer mensen van het platteland naar de stad dan andersom. Er komen ook migranten naar het platteland, maar dit compenseert niet het grote verlies door de lage geboorteaantallen. Voorlopig is er nog geen zicht op verandering en is de krimp vooral in het noorden, oosten, Limburg en Zeeland iets om rekening mee te houden.

Video: Wat weten de inwoners en lokale ondernemers uit Doetinchem over de krimp?

Samenwerkingsverbanden

In de krimpgebieden is men zich wat voortgezet onderwijs betreft bewust van de problemen. In veel gebieden worden daarom regionale samenwerkingsverbanden tussen middelbare scholen opgericht. Om dit probleem gezamenlijk te lijf te gaan is in 2011 in de Achterhoek ook het samenwerkingsverband Achterhoek VO ontstaan. Henk van der Esch, bestuursvoorzitter van Achterhoek VO is van mening dat het samenwerken een goed antwoord is op de krimp: ,,Wij zagen dit aankomen dat er een enorme vechtmarkt zou ontstaan, dat scholen steeds gekkere zouden gaan doen om leerlingen aan te trekken. Met deze samenwerking hebben wij concurrentie uitgebannen, zodat al onze energie in goed onderwijs gestoken kan worden, en niet in het trekken van leerlingen.’’

In de Achterhoek zijn veel plattelandsdorpen, waar geen of maar één middelbare school aanwezig is. In de grotere steden als Doetinchem en Zutphen hebben vaak meerdere scholen, maar ook die moeten op vanwege het dalende aantal leerlingen fuseren. Dit is door de regionale samenwerking in goede banen geleid, maar Van der Esch vindt dat het tijd is dat de politiek wakker wordt: ,,Men zit te weinig in de samenwerking en de politiek heeft te lang de slogan ‘Er moet voor leerlingen iets te kiezen zijn’ aangehouden. In werkelijkheid is dit allang niet meer zo, vaak is er in deze regio’s niks te kiezen.’’

Audio: Wat merken de Doetinchemse scholieren en winkels die zich op jongeren richten van de krimp?

Extra geld

De VO-raad pleit voor een toeslag voor scholen die in de knel komen. Nu lopen scholen juist geld mis, doordat verschillende regels negatief voor hen uitpakken. Een deel van de scholen krijgt bijvoorbeeld minder geld voor leerlingen die extra hulp nodig hebben en er gaat een streep door een toeslag voor scholengemeenschappen met een breed opleidingsaanbod. ,,Scholen in de gebieden met problematische krimp worden daardoor extra getroffen. Daar moet iets aan worden gedaan’’, pleit Rosenmöller.

Van Esch denkt dat dit zeker een oplossing kan zijn, en merkt dat de politiek dit probleem nu ook wel serieus neemt: ,,Als er drie scholen in een stad zijn, is samenwerken de oplossing. Maar in sommige plaatsen hier is maar één school, die kunnen zelfs als ze de concurrentieslag winnen niet eens overleven. Deze scholen zouden inderdaad financieel gesteund moeten worden, zodat kinderen echt nog een keuze hebben, en niet zo ver hoeven te fietsen.’’ Toch benadrukt hij dat het belangrijk is dat daar waar meerdere scholen in één stad zijn, samenwerken echt belangrijk is. ,,Ik denk zeker dat dit kan helpen, maar er wordt ook nog te veel geconcurreerd en te weinig samengewerkt.’’

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft nog niet gereageerd op de oproep van de VO-raad. Wel zijn er al verschillende projecten opgestart om oplossingen te vinden voor de krimp.