Hoewel The Who nooit een nummer 1-hit heeft kunnen scoren, stond de band wel bekend om zijn ruige concerten en het slopen van hotelkamers.

Dat tweede liep zo erg uit de hand, dat de band op een gegeven moment op de zwarte lijst van The Holiday Inn belandde. Verschillende kamers waren toen al gesloopt, tv’s vlogen uit het raam en muren moesten het ontgelden. Maar de klapper op de – letterlijke – vuurpijl kwam op de 21e verjaardag van Keith Moon, de drummer van de band. Na een geslaagd concert, had het platenlabel Decca een feest georganiseerd met een open bar. Moon, vrij dronken, had eerder op de avond een wc met dynamiet opgeblazen. Aan het einde van de avond reed hij een auto in het zwembad van het hotel. Sindsdien waren Moon en daarmee The Who verbannen uit de hotelketen.

Het was sowieso een ruig gezicht om de band te zien spelen: op het podium waren dikwijls de instrumenten de dupe. Keith Moon stond erom bekend zijn drumstel van het podium te trappen. Roger Daltrey hield ervan om met zijn microfoonstandaard te gooien, soms ten koste van het hoofd van John Entwistle. Pete Townshend was echter de grote trekpleister; zijn gitaar bleef zelden heel. Zo is er in een filmpje te zien uit 1968 waar hij probeert zijn Fender te slopen, nadat hij klaar is met spelen. Het is dan ook niet raar dat voor Tommy in 1969 uitkwam, de band voornamelijk in het rood stond, door de kosten voor nieuwe instrumenten.

Toch heeft de band een enorme muzikale bijdrage geleverd over de jaren heen. Van de liedjes Baba O’reilly en Who Are You die via het programma C.S.I weer bekendheid vergaarden, tot het nummer Behind Blue Eyes, wat Limp Bizkit coverde en tot hit verhief. En dat alles begon allemaal bij het jongetje, dat vanuit zijn trauma deed alsof hij doof, stom en blind was. Tommy.