‘Het weghalen van de letters is het stomste wat je kan doen!’

‘Het weghalen van de letters is het stomste wat je kan doen!’

De mogelijke verwijdering van de inmiddels iconische ‘I amsterdam’-letters op het Museumplein is het zoveelste relletje geworden in de toeristensoap met Amsterdam als decor. Dat Amsterdammers er maar niet over uitgepraat raken blijkt uit het plaatsvinden van alwéér een debat over het toeristenprobleem, ditmaal in Pakhuis de Zwijger.

In de IJ-zaal op de vijfde etage van het pakhuis staan een vijftigtal stoelen rondom het podium waar het straks allemaal gaat gebeuren. Vocaal vuurwerk wordt er verwacht, al was het maar omdat Groenlinkser Zeeger Ernsting aanschuift, de man van de motie voor het verwijderen van de letters op het Museumplein. Langzaam maar zeker stroomt de zaal vol met betrokken, maar op het oog vooral ook bezorgde Amsterdammers. De glazen met water worden neergezet, terwijl de laatste hoofdgasten haastig de zaal betreden. ‘Zondag met Lubach’ verschijnt er op het beeld naast het podium. De stemmen in de zaal vervagen snel als Lubach’s stem de ruimte vult. Het is zijn sketch over de letters die de avond opent. We zijn begonnen.

Terugloop toeristen

Het is met de huidige drukte in Amsterdam moeilijk voor te stellen dat de stad in 2003 kampte met een teruglopend aantal toeristen. Het was dan ook tijd dat de hoofdstad zich zou laten identificeren met een nieuwe slogan. Na een strijd tussen vijf reclamebureau’s – waarvan er drie met ‘I amsterdam’ op de proppen kwamen – gaf het toenmalig college de voorkeur aan reclamebureau KesselsKramer. Matthijs de Jong, die bij het Amsterdamse bureau werkt, was bij de geboorte van I amsterdam betrokken: “We zagen de slogan als uitnodiging tot eenwording met de stad,” legt hij rustig uit aan een aandachtig luisterende zaal. “Dus iedereen die er woont, werkt, studeert of de stad bezoekt, die is eigenlijk Amsterdam.” Even adresseert hij het in zijn ogen in de media ontstane misverstand over de slogan: “Wat ons betreft was het niet bedoeld als een uiting van individualisme, maar een oproep tot vereenzelviging met een groter geheel. Juist een symbool voor diversiteit en inclusiviteit.” Hij lijkt zijn woord te richten tot Zeeger Ernsting, die op de eerste rij ogenschijnlijk gebiologeerd zit mee te luisteren.

Maar voordat Ernsting het podium mag betreden is het woord eerst aan Carolien Gehrels. Zij werkte bij Berenschot, het adviesbureau dat door de gemeente werd ingeschakeld toen er een nieuwe marketingcampagne moest komen. Ze valt meteen met de deur in huis: “Gezegend is een stad die zich hier druk over mag maken.” Het verraadt meteen haar laconieke ‘waar hebben we het hier eigenlijk over’-houding. “Net als lege gevangenissen en fietsparkeerproblemen denk ik dat het geweldig is,” voegt Gehrels toe. Verder schetst ze dat het niet gaat om de letters, maar de drukte in de stad, en dat die ‘gemanaged’ dient te worden. “Het probleem is dat hier mensen zijn die zich niet gedragen en niet bijdragen. Ik denk dat je moet zorgen dat bezoekers ‘contributie’ betalen die recht doet aan wat ze ervoor terugkrijgen. En die verhouding is niet goed, Amsterdam moet veel duurder worden.” Ook pleit Gehrels voor technologie als oplossing, refererend aan crowd management bij grote evenementen.

Achtergrondje

Na een intermezzo in de vorm van een visuele column van activiste en voormalig politica Gonny van Oudenallen over het behoud van de letters, en een presentatie van een ludiek initiatief uit het verleden om de letters symbolisch te begrafen, is het tijd om de volgende gasten naar het podium te halen. Eindelijk mag Zeeger Ernsting zijn motie verdedigen: “De slogan was zo populair aan het worden dat het eigenlijk het Rijksmuseum tot een soort achtergrondje reduceerde. Het plein is door die letters, en door de massale aanwezigheid van mensen, een toeristenplek geworden, en geen Amsterdamse plek meer.” Daarnaast haalt hij een anekdote aan over het uit de fietstunnel onder het Rijksmuseum vandaan komen en te worden geconfronteerd met de achterkant van de letters, in plaats van een mooi plein. Ook andere gasten kunnen zich daarin vinden. Bijvoorbeeld Nina van der Weiden, van denktank Amsterdam in Progress. “Maar,” zegt ze, “dat is iets persoonlijks. Ik denk dat het [weghalen van de letters] voor het toerismeprobleem weinig zal uitmaken.” Daarnaast neemt van der Weiden het woord symboolpolitiek in de mond, een verwijt dat Ernsting vaker ten deel is gevallen.

Zeeger mag op meer kritiek rekenen deze avond: “Het weghalen van de letters is het stomste wat je kan doen,” begint Pim Evers, die er als voorzitter van Koninklijke Horeca Nederland zit om de belangen van de ondernemers te vertegenwoordigen. Gehrels zoekt de directe confrontatie minder op en is voorstander van samenwerken. “Als we hier met zijn zessen een dag aan tafel gaan zitten, hebben we een paar hele slimme dingen bedacht.” Even later: “Laten we dit moment aangrijpen, om het verhaal van Amsterdam goed te vertellen en het merk opnieuw te laden.”

Het laatste woord over de letters is nog niet gezegd. Ondertussen mogen de andere letters, die zich buiten het Museumplein bevinden blijven staan. Woensdag wordt er definitief over gestemd in de gemeenteraad. En ook het toeristenprobleem blijft een issue. Het voorstel van Gehrels dat Amsterdam duurder moet worden lijkt gehoor te krijgen. Wat er verder aan maatregelen komen zal de toekomst uitwijzen.

Het gehele debat is hier terug te zien.