De lichten doven, spot aan en het verhaal komt tot leven. Dit is de magie van theater, waar menig liefhebber geen genoeg van kan krijgen. Hopelijk vallen de hier ontstane ”Italiaanse” acts of groepen ook in de smaak.

Maar om een beeld te krijgen van het Italiaanse theaterlandschap in ons kikkerlandje, is het zaak om eerst naar de theatergeschiedenis te gaan kijken. Plus ons daarnaast af te vragen hoe dat zijn invloeden heeft nagelaten in onze huidige maatschappij.

Theater speelt een belangrijke rol in de Italiaanse cultuur. Dit komt vooral doordat theater bindt en een podium biedt voor dromen. Voorstellingen nemen de bezoeker namelijk even mee naar een andere wereld, waar je je dagelijkse rompslomp even kan vergeten. Dat maakt het een avond uit vol tranen, kippenvel of pure ontspanning. Italianen zijn gevoelige mensen en zij vinden in het theater – veel meer dan de Nederlanders- een vriend die ze vermaakt, ontroert of steunt.

Echter waren het niet de Italianen die als eerste het podium opklommen. Dit waren namelijk de Grieken, honderden jaren voor Christus. De Grieken werden net als de Romeinen onderdrukt door een cultuur van leiders. Maar wanneer ze op het podium klommen, werd er eindelijk eens naar hen geluisterd. Hierdoor groeide de spreekwoordelijke zeepkist uit tot een podium, die niet langer was voor het bespreken van politieke strategieën en aanvalsplannen. Het was vooral de plek voor dichters en/of schrijvers geworden, om hun werk aan het publiek te laten horen. Eerst deden zij dit solo en in de openlucht, later werd dit een soort wedstrijd met vakgenoten en nog wat later met speciaal geschreven teksten voor toneelspel.

Straattheater

Deze vorm van theater, is ook in 2018 nog te vinden op straat. Zo heb je de groep de Italianen. Een groep van zeven jonge mannen, die op de ArtEZ Hogeschool, opleiding Docent Theater, besloten hiermee te starten. In 2014 maakten zij hun debuut op het Bevrijdingsfestival in Zwollen en sindsdien hebben ze al op meer dan 180 evenementen mogen optreden. De reden van de oprichting van de groep kwam voort uit hun liefde voor het land. Het heerlijke eten/drinken, de kunst, films en mooie auto’s als de Ferrari. Italiaanse mannen zijn volgens hen de perfecte minnaars en dat willen ze ook uitdragen tijdens hun act.”Galante, charismatische boefjes, speels en nonchalant, maar ondertussen tot in de puntjes verzorgd en zeer emotioneel. Romantisch, glad, maar altijd met een knipoog.”

Twee leden van de Italianen vertelden alles over hun ”verleidelijke groep” in een video-interview. Ook hun kennis over de taal kwam in een aparte video voorbij.

Throwback…

De Griekse tragedie was een feit, beter bekend als tetralogie. Het toneelspel kon uren duren en om de aandacht erbij te houden bedachten theaterproducten de inzet van muziek en maskers.

Italiaanse muziek in 2018

Dat we nog steeds van Italiaanse muziek houden, laat de voorstelling Bella Italia wel zien. Daarnaast kent ook bijna iedereen zanger Marco Borsato. Die o.a. Italiaanse liedjes zingt.

Veel verder terug maakten ze theater om religieuze redenen. De traditionele rituelen aan de goden, werden in de loop der jaren vertaald naar theater. De geboorte en de dood werden belangrijke onderwerpen en gelovigen gebruikten handelingen uit het dagelijks leven om hulp van ‘boven’ te vragen. In de maskerade op het toneel is een duidelijke overstap te zien naar het klassiek Italiaanse Commedia delle maschere. In eerste instantie was dit de naam voor serieus gemaskerd toneelspel dat wordt opgevoerd voor de elite. Koningen, notabelen en andere intellectuelen van goede afkomst, zoals dat heet.

Commedia dell’Arte

De volkse variant, Commedia dell’Arte, groeit in de 16de eeuw uit tot een ware theater-hit. Voorstellingen worden voor het eerst vaker gespeeld en de amateurs maken plaats voor beroepsacteurs. Zo zijn er scenario’s gevonden van voorstellingen in 1568 in Mantua. Dat waren overigens geen vaststaande teksten, maar meer een basis voor een rollenspel. De kunst van deze theatervorm is namelijk de improvisatie. De acteurs spelen in op de actualiteit en op bepaalde personen. Veel meer nog dan de acteur speelt het masker de hoofdrol. Het staat symbool voor een bepaald karakter en is min of meer verbonden aan een Italiaanse regio.

Zo wordt Il Dottore bijvoorbeeld gezien als een parodie op een geleerde uit Bologna, terwijl de oude, vrekkige koopman Pantalone – steevast in kostuum – een echte Venetiaan moet voorstellen. Hij doet zich altijd deftig voor, maar wordt regelmatig bij de neus genomen. Napels leverde de Capitano aan het Commedia dell’Arte en Bergamo de knechten Arlecchino en Brighella; de één sluw, de ander naïef en onnozel.

Copyright: Wikimedia Commons, the free media repository
Copyright: Wikimedia Commons, the free media repository

Pulcinella, de internationale publiekslieveling, vervult de rol van komische bediende, ook wel zanni genoemd. ‘Het witte kuiken’ met haar puntmuts is terug te vinden op o.a. meerdere Italiaanse schilderijen. De ene keer is hij een man en de andere keer een vrouw. De culturele geschiedschrijvers zijn het er niet over eens of Pulcinella nou symbool staat voor het leven of de dood. Feit is dat Italianen hem/haar in hun hart hebben gesloten en Nederlanders ook. Wij danken namelijk onze poppenkastheld Jan Klaassen aan deze theaterster.

Copyright: Wikimedia Commons, the free media repository

De karakters van het Commedia dell’Arte trekken na het succes in Italië ook over de grens. Zo wordt Parijs veroverd, eerst in het Italiaans en later ook in de Franse taal. Het exclusief Italiaanse genre blijkt inspirerend bovendien, want ook in andere landen gaan toneelmakers ermee aan de slag. Tot in 1700 de nieuwe eeuw aanbreekt en er meer vraag komt naar het serieuze teksttoneel en zogeheten melodrama. Het is nota bene theaterhervormer Carlo Goldoni die het maskerspel min of meer de doodsteek toebrengt. Het is de schijndood, zou later blijken, want de karakters zijn in en buiten Italië nog altijd te zien in ballet, pantomime, poppenspel en – niet te vergeten – carnaval!

Hotel courage

Is een Amsterdamse theatergroep in het heden, die zich bezig houdt met een eigen vorm van Commedia dell’Arte.

Hoe is oprichtsters Katrien van Beurden op deze vorm gekomen en hoe kijkt ze aan tegen de traditionele Commedia? 

Commedia dell’Arte in zijn meest pure vorm

Copyright: David Lafourcade, Flickr.com

Interview| Katrien van Beurden is oprichtster en artistiek leider van Hotel Courage (2012). Met haar groep reist ze de wereld over, om mensen in contact te brengen met theater. Niet zomaar een vorm van theater, maar haar eigen ontwikkelde vorm van de traditionele commedia.

Hierna deed ze onderzoek en kwam er toen al meteen achter dat ze een eigen stijl wilde gaan ontwikkelen. Ook vanwege het feit toen ze de traditionele vorm zag tijdens haar studie in Italië. Die werken heel choreografisch met bepaalde loopjes voor bepaalde karakters. Katrien kon toen die stijl kopiëren, maar ze koos ervoor de acteur zelf te laten bepalen hoe zijn/haar archetype zich gedraagt. Niemand zit te wachten op een museumstijl uit 1500, aldus van Beurden. ‘’Daarnaast ik werk niet in Italië en daarbuiten vindt niemand het interessant. Het is of je op vakantie gaat naar Venetië en even een leuk souvenirwinkeltje bezoekt. Dus dat wist ik al wel snel. Volgens mij wist ik het al van te voren, maar wilde ik die traditie gewoon bekijken om te kijken waar het vandaan komt.’’

Eerste in de geschiedenis

Nee Katrien was niet de eerste die een dappere poging had gedaan om van de traditionele vorm een eigen vorm te maken. Eerder deden Ariane Mnouchkine en Le Kock al een poging. Vooral door het gebruiken van elementen, want de meeste makers waren niet geïnteresseerd in de vorm, aldus van Beurden. ‘’Alleen de Commedia dell’Arte zelf niemand waagde zich daaraan, omdat het kort gezegd gewoon een kut klus is. Om het helemaal uit elkaar te halen en weer in elkaar te zetten. Je moet een hele eigen stijl ontwikkelen en daarvoor de wereld over reizen. Dan moet je vervolgens spelers vinden en het uit de Europese context trekken. Dus het vraagt nogal iets en ik heb de passie om dat te doen zeg maar.’’

Traditionele commedia: geen werkbare vorm

Dit komt vooral volgens Katrien, omdat het niet tot de verbeelding spreekt. Zo zeggen ze dat een personage als Harlekino uit Bergamo komt, maar jij en ik weten totaal niet waar dat ligt. ‘’Dat zegt jou niks, maar wanneer ik tegen jou zeg dat het een volwassen personage is wat eigenlijk kind wil blijven. Hij woont in Utrecht in Kanaleneiland. Dan krijg jij daar meer beeld bij.’’ Het is dus jammer dat de traditionele vorm zo blijft vast zitten in Italië en ze hierdoor veel publiek kwijt raken, aldus van Beurden. Zij spelen vooral vanuit herkenbaarheid, anekdotisch, met veel grappen en grollen. ‘’Bij ons is die ook heel rauw, poëtisch, maar ook heel tragisch. Voorstellingen waarbij het publiek alleen maar zit te huilen, dat het helemaal niet zo grappig is. Dat vond ik ook een belangrijke vorm om eraan toe te voegen. Dat de komedie voort komt uit de tragedie en niet andersom. ‘’

Meest trouw aan Commedia

De commedia kwam eigenlijk vooruit uit de verlichtingstijd, wist Katrien te vertellen. Het volk leefde tussen twee extremen in: de kerk en de humanisten die de verlichting wilden. Die humanisten vonden alles wat geschreven was super interessant, dat waren eigenlijk hyper intellectuelen. ‘’Vandaag de dag zie je dat terug in het hele intellectuele theater, de schouwburg, het toneel, waar eigenlijk alleen maar heel intellectuele mensen heen gaan. Alleen mijn Marokkaanse schoonfamilie gaat niet naar toneelgroep Amsterdam. Er was dus geen theater voor het volk, die ook belangrijke onderwerpen bracht.’’ Zo had je altijd een regisseur en een schrijver die het stuk schreef. Alleen zat zijn/haar mening dan in de tekst die de acteur moest gaan spelen. Bij mijn commedia staat de spirit van de acteur centraal. ‘’Hij bepaalt in het moment zijn mening, want het enige wat je niet kan censureren is improvisatie. Vaak ontlokt uit het publiek. Dus het publiek is eigenlijk altijd medeplichtig.’’ Daarnaast is de acteur zo’n goochelaar als het gaat om muziek, teksten, fysiek, want hij moet alles op alles op alles zetten om dat volk aan zich verbonden te krijgen. Daar raakt een volk ook wakkerder van, dat zie je vandaag de dag ook, aldus van Beurden. Bijvoorbeeld alle cabaretshows vandaag de dag zitten vol. Najib Amhali altijd vol en het schouwburg toneel zit bijna nooit vol. ‘’Mensen hebben namelijk bij cabaret het idee, dat het nu ontstaat. Iemand op dat toneel, die iets gaat zeggen over hoe zijzelf leven. Iets wat ze herkennen en daar grappen over maken. Het cabaret, stand-up comedian dat is allemaal afgeleid van het commedia dell’arte. Daar kun je de spirit voelen die ik bedoel.’’

Een universelere Commedia terug gebracht, buiten de context van Europa. Naar het volk, in een blackbox theater. Met alleen maskers en muziek. Dus geen kostuums en geen props die de traditionele vorm wel had. Zowel tragisch, als heel komisch en hyper virtuoos. Met acteurs en personages van over de hele wereld. Een documentair theater – Katrien van Beurden (Hotel Courage).

Die wakkerheid vind ik fantastisch. Het ene moment staan we in de schouwburg en het volgende moment staan we tussen de kogels in een oorlogsgebied te spelen. Dan vind ik dan ben je het meest trouw aan de spirit van de Commedia dell’Arte. Met waargebeurde verhalen die ik breng, uitgebeeld door spelers op dat moment. Gebaseerd op maatschappelijke thema’s wat op dat moment gaande was. Zij vertellen niet hun eigen verhalen, die laag heb ik er nog is bij gedaan, aldus Katrien.

Invloeden vanuit traditionele vorm van Commedia

Hotel Courage heeft een eigen ontwikkelde techniek t.o.v. van de Commedia. Niet gebaseerd op de geschiedenis, aldus van Beurden. ‘’Enige overeenkomst dat het halve maskers zijn en dat het in vlagen komisch is. Alleen zie de maskers er totaal anders uit.’’ Wat ze wel nog gebruiken is kleine codes als het publiek binnenkomt, dat ze ze als ware op het plein welkom gaan heten. Om direct contact te maken met de mensen. Dit zet het publiek dan in het nu. ‘’Als je dat niet doet en een personage komt op uit een coulisse dan zit je naar een 2d/3d voorstelling te kijken. Interactie, op hyperniveau interactie met het publiek.’’ Daarnaast maken we ook nog gebruik van lacties, ofwel komische momenten binnen de scene waarbij het helemaal mis gaat, aldus Katrien. Die gaan altijd in stappen van 1 tot 10. Bijvoorbeeld een personage slaat een mug, denkt dat de mug weg is, mug komt terug en hij probeert hem nog een keer te slaan. Alleen slaat hij zichzelf. Denkt dat de mug weg is, die komt terug, hij slaat hem nog een keer en slaat de pan van het vuur. Er ontstaat vuur, hij probeert het vuur te blussen met water, maar dit blijkt olie te zijn. Het gas fornuis ontploft, etc. Kleine simpele handelingen die het tot een grote ravage maken, dat zijn lacties. ‘’Daarnaast echt het gebruik van de spirits, u vraagt wij spelen, je zegt nooit nee. Dus als het publiek het onmogelijke van je wil, dan zeg jij tuurlijk.’’

Eigen vorm werkt beter

Wij maken heel groot gebruik van de mime maar zonder decor, hadden ze destijds wel, aldus van Beurden. Bijvoorbeeld onze Palestijnse acteur, die verteld dan hoe zijn dorp werd gebombardeerd. Hoe zijn moeder alle kinderen in de schuilkelder deed. ‘’Dan legt hij uit hoe zijn moeder de vijf maande oude baby pakte, het meisje van zes bij de hand. Hoe ze haar hand op de rug legde van de broer van twaalf, om hem in de ogen te kijken van wees veilig. Vervolgens is die kelder ontploft met al die kinderen erin, maar hij speelt dat dan hyper gedetailleerd.’’ Dus in dat documentair verhaal zie je acteurs handelingen spelen die ze echt hebben meegemaakt, maar in de mime, aldus Katrien. Waardoor het publiek op hyper niveau empathisch wordt, alsof ze daar op het moment er zijn. Zo werkt dat ook met de komedie gedeeltes die ze doen. Dat ze dus eigenlijk op een lichte wijze zware verhalen delen, maar ook aan entertainment doet, daar geniet ze zelf het meeste van. ‘’Wij spelen natuurlijk ook voor PVV’ers en voor Trump families. Dus wij hebben geen publiek waar we niet voor spelen. Wij vinden het juist leuk om met een groep Irakezen Moslims naar een Trump familie te gaan en andersom. Dat is natuurlijk ook heel leuk, want geen verhaal dat vertellen we niet. Juist omdat de media vandaag de dag zo kiest, maar daardoor gaan we elkaar niet beter begrijpen. ‘’

Wereldwijde verbondenheid met theater

In de zin van het vertellen van iemand zijn/haar verhaal. Het is dan wel zijn mening, maar het is documentair, aldus Katrien. ‘’Als ik aan jou vraag van wat vindt je van de politiek van tegenwoordig? Dan ga je heel intellectueel antwoorden. Alleen als ik dan aan jou vraag hoe voelt het voor jou om vandaag de dag te leven? Dan ga je zeggen ik vind het eng of ik vind het spannend. Die laag daar ben ik meer in geïnteresseerd.’’ Ze wil daarom niet tegen iemand zeggen, wat belachelijk dat je voor een vorm van de democratie stemt. Ze wil weten waar het vandaan komt. ‘’Ik denk dat in deze tijd, zo was ik laatst op een universiteit in New York. Waar een student vroeg: He heb jij een Palestijnse Moslim in jou gezelschap en een Amerikaanse homoseksueel? Toen zei ik ja, waarop die student zei: maar wat vindt die Moslim dan van die homoseksueel? Die snapt homoseksualiteit niet, die is er niet meer opgegroeid, dus die vindt het raar. Wat vindt die homoseksueel daar dan van? Ja die vindt dat raar dat hij dat raar vindt. Daar gaan ze dan ruzie over maken en daarna gaan ze heel hard lachen. Daarna gaan ze weer verder. Toen werd mij gevraagd of ik tegen homoseksualiteit ben? Nee natuurlijk niet! Maar hoe kun je dat dan in je gezelschap hebben? Dat ik zei maar jij wil dus dat ik kies, omdat je het niet vindt kunnen dat de Palestijn homoseksualiteit veroordeelt.’’ Terwijl je hem niks kan kwalijk nemen, aangezien hij in een maatschappij is opgegroeid waarbij hij daarmee niet in contact is gekomen, aldus van Beurden. Dat is dus voor haar belangrijk, dat we in plaats van tegenover elkaar komen te staan, gaan proberen de ander te begrijpen. Vervolgens kun we dan een heftige discussie gaan voeren en misschien uiteindelijk wat empathie opbrengen. Dat gesprek vindt ze leuk.

Werken met internationale artiesten

Die keuze was voor Katrien gemakkelijk, omdat haar vorm zich niet zoals de traditionele vorm maar beperkt tot een land. Maskers en archetypes beelden universele karakters uit, die volgens haar grenzeloos zijn. ‘’Heb het losgeweekt van de Harlekino en de Dottore. Die namen gebruik ik ook helemaal niet meer. Heb me eigen archetypes ontwikkeld en als ik het dan alleen in Nederland zou doen, dan doe ik hetzelfde als destijds in Italië.’’ Kijk de traditionele manier spreekt over de oude man in een bepaald dorp, maar een oude man of vrouw heb je overal, aldus van Beurden. ‘’De techniek die ik heb ontwikkeld gaat eigenlijk de taal voorbij. Iedereen spreekt in zijn eigen taal, maar woorden die belangrijk zijn doen we in het Engels. De traditionele commedia dell’Arte deed niet de mime gebruiken, zoals wij dat doen. Het geeft zo duidelijk aan wat er gebeurd, dat je taal eigenlijk niet meer nodig hebt.’’

Commedia binnen Nederland

Het huidige publiek is niet geïnteresseerd in de traditionele vorm van Commedia dell’Arte, aldus Katrien. ‘’Dus niet in de traditionele wijze, maar ik doe dus geen Commedia dell’Arte. Italiaanse theatervorm past gewoon niet in deze tijd en er is niets zo veranderlijk als aan de Commedia.’’

Katrien van Beurden volgde de acteursopleiding aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en kreeg in 2003 een beurs om traditionele Commedia dell’Arte te studeren in Italië. Ze geeft in Nederland en wereldwijd workshops aan o.a. de Tisch University in New York, Codarts en de Percussion Friends Academy. Vorig jaar werd ze door Routledge Publishers gevraagd een hoofdstuk te schrijven over haar innovatieve theaterstijl, dat wereldwijd werd gepubliceerd. Door kenners wordt Van Beurden internationaal gezien als een pionier op het gebied van de vernieuwing van Commedia, met een grote expertise om een brug te slaan naar een universeel theater voor een breed publiek

Van stringinvloeden tot dochter opvoeden: benvenuti in Olanda

“Een man die alleen een string aan had, was hartje winter aan het skaten op het fietspad. Dit was het eerste wat ik zag toen ik aankwam in Nederland. Ik kon niet meer stoppen met lachen. “Welkom in Nederland,” knipoogde de taxichauffeur naar mij.” Sindsdien is de 44-jarige Isabella Ruggiero haar Italiaanse hart verloren aan ons kikkerlandje.

“Op mijn zesentwintigste maakte ik de stap om van Italie naar Nederland te verhuizen. Ik was toe aan een uitdaging. Mijn hele leven had ik al in Napoli gewoond. Elke dag was hetzelfde. Ik was toe aan verandering van milieu, omgeving, gewoon van alles. Twee vrienden uit Napoli woonden en werkten in Amsterdam, zo kreeg ik ook een baan aangeboden. Het was zo’n gezellige tijd met z’n drietjes. We vormden een kleine familie.

“Ik was toe aan verandering.”

Ik werkte met mijn huisgenootjes bij een groot technisch internationaal bedrijf. Het handjevol Nederlanders dat er werkte, was verplicht om Engels te praten. Daardoor kwam ik in het begin nog weinig in contact met de Nederlandse taal en cultuur. Na twee jaar ben ik van werk geswitcht. Het was me te technisch. Ik werd nanny. Ik kon nog geen Nederlands spreken, maar ik heb veel geleerd van de kinderen. Ik begon ook aan een cursus Nederlands. Drie keer per week drie uur studeren, dat was best wel pittig, maar ook heel leerzaam.

Aan de Nederlandse cultuur moest ik wel even wennen. De tijd is georganiseerd. Je moet alles van tevoren afspreken, met een agenda. Je moet überhaupt een agenda hebben. In Napoli is dat niet zo. Je belt een vriend of hij zin heeft om een biertje te drinken en daar is gewoon tijd voor. Er is een ander ritme, minder druk. Hier moet je werken voor je sociale leven. Het gaat niet vanzelf en je moet er tijd aan besteden. Ik ben daar niet zo goed in. Ik heb wel een sociaal leven, maar ik blijf toch een beetje Italiaans. Ik ben te rommelig om een afspraak mee te maken.

Portret van Isabella Ruggiero Copyright: Mariska Meijvogel

Ik heb altijd al een passie gehad voor dans. Hoewel mijn tijd als nanny prima is bevallen, was ik op zoek naar iets nieuws. Ik besloot danslessen te volgen bij een Tunesische lerares. Daarna ben ik naar Turkije en Egypte gereisd, om meer te studeren. Ik wilde in contact komen met de cultuur van die landen. Nu was ik eindelijk klaar om zelf lessen te geven. Dit is nog steeds mijn passie. Ik geef momenteel lessen over dans en percussie op een basisschool. We behandelen verschillende onderwerpen. Italiaanse dans is daar natuurlijk één van.

Inmiddels is het achttien jaar geleden dat ik werd verwelkomd door de skatende stringman in Nederland en ik voel me hier nu helemaal thuis. Ik woon hier niet meer met mijn zogenaamde broertjes, maar met Martha, mijn dochtertje van één jaar. Over de vader wil ik nog even niks kwijt. Dat moet ik Martha eerst zelf uitleggen, als ze oud genoeg is om het te begrijpen. Binnen de opvoeding houd ik me bezig met zowel de Italiaanse als de Nederlandse cultuur. Martha is gek op Sinterklaas. We zijn samen naar de intocht geweest en ze straalde enorm. Ik vind Sinterklaas zelf ook zo mooi omdat het echt een traditie is. Ik voel dat de Nederlanders dat willen houden. Het is een droom. Een fairytale.

“Ik vind Sinterklaas zo mooi omdat het echt een traditie is.”

Niet op elk vlak kan ik levelen met de Nederlandse opvoeding. Kinderen in Nederland worden anders opgevoed op het gebied van eten. Ik vind het belangrijk dat kinderen gevarieerd eten. Nederlandse kinderen eten twee keer per dag brood. Dat moet veranderd worden. Ze moeten opgevoed worden met meer warme maaltijden. Pasta in plaats van brood bijvoorbeeld. Brood is puur suiker. En suiker is slecht. Maar er zijn dingen aan het veranderen. Dat zie ik wel.

“Brood is puur suiker. En Suiker is slecht.”

Of we voor altijd in Amsterdam blijven wonen is de vraag. Ik hoef niet per se terug naar Italië, maar ik zou wel graag wonen op een plek waar er meer contact is met de natuur. Een plek met gezonder eten, waar we kunnen zien waar het eten vandaan komt. Of het nou Nederland of Italië wordt, weet ik nog niet. Ik ben nu bezig met haar opvoeden. Ik heb nog geen idee waar we belanden.

Al met al ben ik blij met de sprong die ik achttien jaar geleden waagde. De Italiaanse mentaliteit is heel anders dan de Nederlandse. In Nederland heb je de beste vrijheid om te denken wat je wilt en om je te gedragen hoe je dat wilt. In Italië niet. Dat is iets wat ik hier heb geleerd. Het voelt zo fijn. Do whatever you want. Ik was op zoek naar verandering en ik vond deze vrijheid.”

Opening ¨Utrecht, Caravaggio en Europa¨

Zondag 16.12.2018 – Peterson Tijhuis

Na vijf jaar organiseren en wachten is de tentoonstelling over Caravaggio en het Rome van de 17e eeuw nu eindelijk geopend in Utrecht. Het Centraal museum aan de Agnietenstraat opende zondag om 10:00 uur de deuren voor het eerste publiek. 

Hieronder een Fotoslideshow van de opening. (Foto´s door Peterson Tijhuis)

Zaterdag 15 december was Koning Willem Alexander al in Utrecht om de tentoonstelling als een van de eerste te bekijken. Hij is ook degene die de tentoonstelling op zaterdag officieel mocht openen. De tentoonstelling in Utrecht bevat 70 meesterwerken. 60 schilderijen zijn bruiklenen uit musea in Europese en Amerika.

De tentoonstelling gaat hoofdzakelijk over de navolgers van de Italiaanse kunstenaar Caravaggio (1571-1610). Tussen deze navolgers, de caravaggisten, zaten ook Utrechtenaren. Het werk van drie van deze locale schilders, Dirck van Baburen, Hendrick ter Brugghen en Gerard van Honthorst, hangt de komende drie maanden in het Centraal Museum. Onder andere haalde Rembrandt inspiratie uit de kunstwerken van deze schilders.

Ook hangt er het werk ¨De graflegging¨ van Caravaggio zelf. Dit kunstwerk is maar vier weken te zien. 15. januari komt Caravaggio´s ¨Medusa¨ naar Utrecht. De kunstenaar uit de Barok schilderde twee versies van dit mythologische figuur. De andere versie hangt in het Uffizi Museum in Florence.

Interview met kunstenaar Ben van der Malen over de tentoonstelling

¨Het is niet zo mijn stijl, dat moet ik eerlijk toegeven¨, vertelt Ben van der Malen. Hij zit twee keer per week te schilderen bij kunstclub Satelliet in Ijsselstein. Samen met een werkgroep bezocht hij eind januari de tentoonstelling in Utrecht. Toch vindt hij dat de tentoonstelling heel uitgebreid was; de ruimtes waren groter dan hij had gedacht. Het was deze dag niet druk en hij hoefde niet in de rij te staan. De historicus die de rondleiding gaf kon goed zijn verhaal vertellen.

Tijdens zijn tour viel het hem op dat er eigenlijk niks van Caravaggio zelf hing. De ¨marketingmachine¨, zoals hij dat noemt, adverteerde vooral met de naam Caravaggio. ¨Het ging niet over Caravaggio. Het ging vooral over de navolgers van hem, de Utrechtse caravaggisten¨, zegt Van der Malen. Toch sprongen er voor hem bepaalde werken er uit. Met name de schilderijen van Gerard van Honthorst. Het contrast waarmee hij schildert en het levendige licht van zijn bekende kaarsen, dat vindt hij echt mooi.

Hij let als kunstenaar ook op bepaalde details als hij door een galerij of tentoonstelling loopt. ¨De caravaggisten zijn meesters in de techniek van wit en donker. Zij kunnen geweldig met licht spelen. Daarnaast let ik ook op de lijnen en het spel tussen achtergrond en voorgrond.¨ Zijn favoriete kunststroming is het impressionisme. De essentie van deze stroming is dat de kunstenaar binnen een paar minuten een schilderij maakt van een moment. Van der Malen probeert met zijn kwast dit ook te leren.

Het bezoek aan de tentoonstelling in het Centraal Museum werd georganiseerd door zijn werkgroep, maar hij was ook even komen kijken als dat niet het geval was geweest. Musea bezoeken is echt zijn hobby. ¨Het is toch wel speciaal dat kunstwerken van Utrechters uit de 17e eeuw nu weer terug zijn in onze stad. Dus je moet er als kunstliefhebber gewoon even heen. Weliswaar hangt er geen werk van Caravaggio zelf, maar daar kunnen wij helaas verder niks aan doen¨.


FILM | De Italiaanse filmindustrie is ook een onderwerp die niet te missen is. Op verzoek van verschillende cursisten is een nieuwe reeks van De Grote Regisseurs herhaald in het Louis Hartlooper Complex. Het Louis Hartlooper Complex is een film- en cultuurcentrum in Utrecht. Filmdocent Constant Hoogenbosch zet zijn weg door de levens en carrières van regisseurs voort. Tijdens deze lessen worden ook Italiaanse regisseurs en filmstromingen belicht.

Na jaren werkzaam te zijn geweest in de film- en mediawereld zette Hoogenbosch in 2000 zijn eigen mediabedrijf Movie Machine op. Vanuit Movie Machine werkt hij door heel Nederland (en internationaal) samen met filmhuizen, culturele centra, bedrijven en onderwijsinstellingen waar hij doceert over uiteenlopende onderwerpen uit de film- en mediawereld. Zijn lessen bieden een gelegenheid om kennis te maken met het werk van de toonaangevende regisseurs.

Constant: ”Ik kan tot bijna 24 uur per dag bezig zijn met film. Al 20 jaar heb ik eigen filmbedrijf, waar vooral een groot deel zit in de kennisoverdracht en educatie over film. Zo iets heeft heel veel verschillende terreinen. Over filmstromingen, filmgeschiedenis, etc. Zo iets vergt ook een vrij brede kennis.”

”De reserach begint eigenlijk bij de keuze, waar je over gaat praten. Als het over een Italiaanse regisseur gaat, ga je beginnen met veel kijken. De wisselwerking tussen deze regisseurs en hun films hebben veel anderen geïnspireerd. Italië is een land wat eigenlijk sinds de begindagen van de film op hoog niveau meetelt.”

”De invloed vanuit Italië op de Nederlandse film zijn lastiger te bepalen. Er zijn uiteraard Nederlandse filmmaker die zich ongetwijfeld hebben laten leiden en inspireren door de grote Italiaanse filmmakers. Nederlands regisseurs Fons Rademakers heeft er wel iets uitgehaald. Ik weet dat hij heel erg hield van Italiaanse films. In zijn film ‘Dorp aan de Rivier’ kan je de invloeden van het Italiaans nieuw realisme terug zien. Het is wel een compleet andere setting. Het Italiaanse platteland is niet te vergelijken met het Vlaamse platteland. Wel zit er veel in van de gewone mens, waar letterlijk mensen van de straat werden gepikt. Amateurs voor een camera op optreden zie je in de films van Rademakers niet, maar je ziet wel de benadering van het gewone alledaagse leven. Zo iets geeft een andere visie op een film.”

”In Nederland wordt een bepaald soort van Italiaanse film uitgebracht. In Italië zijn er natuurlijk veel films gemaakt, maar al die films worden hier niet uitgebracht. De films die hier worden uitgebracht zijn doorgaans de Art House titels, de hele commerciële komedies komen niet deze kant op. Vooral doordat we geen distribiteur hebben die zich daar aan durft te wagen.”

”De Nederlander denkt vooral uit een bepaalde hoek als het om Italiaanse films gaat. Een standaard beeld. Vaak algemeen stevige drama’s, misdaadfilms, maffia gerateerde zaken. Dat heeft dan ook weer met de distributie te maken. Kijken wat er op dat moment in de markt goed ligt.”

”Doelgroep gerelateerd is het ook. Het jonge publiek mist wat, een kijkje nemen kan altijd. Vele mooie films worden dan gemist. Als het publiek voor het eerst ‘onbekende’ films ziet, is het altijd wennen. Er zijn in de Nederlandse filmhuizen Franse films vertoond, waarbij in de eerste scene iemand werd vermoord en na tien minuten was het doodstil in de zaal. Bij de Chinese films zat iedereen eerst Chinees na te praten, daarna was het weer stil. Dat het een beetje onbekend en onbemind is, maar het die mensen toch wel confronteert.”

Interview en fotografie door: Nina Stefanovski


Podcast

Afgelopen weken zijn er verschillende producties gemaakt over de Italiaanse cultuur in Nederland. De producties worden afgesloten in de podcast die met de gehele redactie gemaakt is. Veel luisterplezier!

Opgenomen door: Mariska Meijvogel, Nina Stefanovski, Ayla Caglayan & Peterson Tijhuis.

Alles Gucci 

Ayla Caglayan

Fotoreportage – Nederlanders zijn gek op de Italiaanse cultuur. We gaan er veel naar toe op vakantie en eten elke week wel pasta en pizza. De meeste mensen zullen bij het land Italie vooral koppelen aan het eten en de koffie, maar dat Italianen ook uitblinken op gebied van design, is niet bij iedereen bekend. In de P.C. Hooftstraat in Amsterdam zijn ’s werelds mooiste merken gevestigd, de straat staat bekend als de meest luxueuze winkelstraat van onze hoofdstad. Je zou denken dat je veel merken van Nederlands bodem tegenkomt. Dat dacht je verkeerd: de Italiaanse high-fashion merken domineren de P.C.

PRADA – NR. 63 – Opening eerste Nederlandse vestiging in 2014.

Het Italiaanse modehuis Prada is opgericht in 1913 door Mario Prada. Het hoofdkantoor is gevestigd in Milaan. In 1978 werd het stokje overgenomen door Miuccia Prada. Miuccia heeft ervoor gezorgd dat Prada de overstap naar haute couture heeft gemaakt. Prada heeft ook nog een ander label, genaamd Miu Miu.

GUCCI – NR. 56-58

Guccio Gucci richt het merk Gucci in 1921 op in Florence. Het logo van Gucci, de dubbele G, staat voor Guccio Gucci. Hoewel Gucci het Italiaanse vakmanschap als belangrijkste uitgangspunt ziet, is de stijl van het merk vooral geïnspireerd uit Londen en andere delen van Engeland.

FENDI  – NR. 71 – Opening eerste Nederlandse vestiging in 2018.

In 1925 wordt het merk Fendi gelanceerd door Adele Casagrande, de naam Fendi kwam van haar echtgenoot Edoardo Fendi. Het logo van Fendi, de dubbele F, wordt in de jaren zestig ontworpen door Karl Lagerfeld. Lagerfeld is momenteel creatief directeur van het merk.

BVLGARI  – NR. 73– Opening eerste Nederlandse vestiging in 2010.

Bvlgari wordt in 1884 in Rome opgericht door Sotirios Voulgaris. Het merk staat vooral bekend om hun parfums en luxueuze Italiaanse sieraden. Bvlgari hoort bij Louis Vuitton Moët Hennessy, dit is het grootste bedrijf met de focus op luxeproducten van de wereld.

DOLCE & GABBANA – NR. 124– Opening eerste Nederlandse vestiging in 2013.

Domenico Dolce en Stefano Gabbana richten in 1985 het kledingmerk Dolce & Gabbana op. Het merk is vernoemd naar de achternamen van de modeontwerpers. Het merk komt oorspronkelijk uit Milaan.

FURLA  – NR. 43– Opening eerste Nederlandse vestiging in 2017.

Furla staat vooral bekend om hun tassen. De tassen worden gemaakt van zacht PVC materiaal, wat zorgt voor een unieke look. De familie Furlanetto richt het merk op in de stad Bologna, dit gebeurde in het jaar 1927.

BOGGI  – NR. 38 – Opening eerste Nederlandse vestiging in 2015.

Boggi is een merk wat zich alleen focust op producten voor mannen. Het merk bestaat sinds 1939 en vindt zijn oorsprong in de modestad Milaan.

ARMANI  – NR. 39-41

Giorgio Armani is een Italiaans modehuis opgericht door Giorgio Armani, op 24 juli 1975 in Milaan. Het merk is gespecialiseerd in haute couture, leer, accessoires, cosmetica en parfum.

LA PERLA  – NR. 55 – Opening eerste Nederlandse vestiging in 2014.

La Perla is een merk gespecialiseerd op het gebied van lingerie. Het merk staat bekend om het vakmanschap. Het merk is in 1954 opgericht in Bologna door couturiere Ada Masotti.

ALLES GUCCI – AYLA CAGLAYAN – COLUMN

Het is een regenachtige zondag, waarvan er eigenlijk té veel zijn. Het is een uur of drie en ik lig nog steeds in mijn pyjama onder mijn zachte deken, eindeloos YouTube video’s te kijken. Ik kom uit bij een video van Monica Geuze: ‘Designer bag stash’. Van tevoren weet ik dat dit een slecht idee is, ik ben maar een arme student en zal voorlopig nog niet een designer tas kunnen toevoegen aan mijn collectie. Toch klik ik de video aan. In de video laat bekende vlogger Monica Geuze haar collectie designertassen zien. De ene na de andere Valentino komt voorbij en aan Gucci ook geen gebrek. Groen van jaloezie klik ik de video weg. Ik klap mijn laptop dicht, ga liggen en staar naar het plafond. Ja, het zijn maar tassen. Maar ik droom al jaren van een Gucci tas. En ik ben lang niet de enige. Ik vraag mezelf af wat de reden is dat ik zo enthousiast kan worden van een belachelijk dure Gucci tas en niet gewoon tevreden kan zijn met een soortgelijk model van Zara.

Het is gewoon de uitstraling, de luxe. Een echte eye-catcher is het zeker. Daarnaast is alles wat Italianen produceren een succes: pizza, pasta, limoncello. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Een andere reden is dat ik op Instagram doodgegooid wordt met de bekende Italiaanse designer merken gedragen door ‘influencers’. Ja, invloed hebben ze zeker.

Ik surf naar de Gucci website en bekijk de tas van mijn dromen, daarna voeg ik de tas toe aan mijn winkelmandje. Als ik op het punt sta om mijn spaarrekening te plunderen en af te rekenen, ben ik sterk genoeg om het toch niet te doen. Voorlopig droom ik nog even verder.